Een kort feitenverslag van Ruud

John (bord 5) verliest een eindspel met een pion minder (0-1).

Ruud (bord 2) bluft zijn tegenstander af in het middenspel d.m.v. een incorrecte pionzet (zet 21). Het ziet er gevaarlijk uit, dan het is en de tegenstander reageert dan ook verkeerd. Zijn al passieve stelling stort ineen en na een torenafruil komt hij - door een tussenschaak - een stuk achter te staan (de pion promoveert en neemt gelijk een paard mee de doos in). Vlak daarna is het voorbij (1-1).

Eduard als invaller op bord 1 zet de partij, zoals we van Eduard gewend zijn,  zeer degelijk op met als resultaat remise (1-1).

Albert (bord 8) wint (2-1).

Hans (bord 6) wint (3-1).

Wim vd Hoek (bord 4) heeft een D+T eindspel waarbij wel steeds mat gedreigd wordt, maar de tegenstander ziet het allemaal. Met een paar pionnen minder wordt het te lastig (3-2).

Derek (bord 3) en Tjalling (bord 7) zijn dan nog bezig. Beide partijen zien er remise-achtig uit, maar Tjalling weet toch te winnen (4-2).

Derek komt in zware tijdnood in een eindspel met L en 1 pion tegen P en 2 pionnen. Een vork in verloren stelling betekent een eindstand van (4-3).